Little Victor & Co.

Little Victor, Miss Sophie Kay & Rocking Lulu; NiX BBBluesclub, Enschede, 25 mei 2002

Little Victor heeft in de jaren tachtig zijn jeugd doorgebracht in Memphis waar hij nog de originele bluesscene meemaakte. Hij moet daar ook zijn eigenaardige dialect opgepikt hebben. Ik versta weinig tot niets van wat hij zegt of zingt en dat vind ik jammer. Miss Sophie Kay spreekt verstaanbaarder Engels ook al is ze Frans. De drummer die het trio completeert, noemt zich Rocking Lulu. Ik stel me bij die naam iets ruigers voor dan deze onopvallende jongeman. Maar misschien moet hij nog een beetje loskomen.

Drie dingen blijven me het meeste bij van dit optreden.
Ten eerste het (slide)gitaarspel van little Victor. Dat is soepel en virtuoos. Hij en miss Sophie maken gebruik van originele instrumenten uit de jaren '50. De klank is daardoor heel sfeervol.
Ten tweede is daar de stem van miss Sophie. Ze oogt heel kalm maar als ze haar mond opendoet dan moet je vrezen voor het glaswerk. Een lekkere felle, rauwe stem. Wat mij betreft had zij meer nummers voor haar rekening mogen nemen. Haar stem voegt net dat beetje extra pit toe die de muziek nodig heeft. Jammer dat op de cd de scherpe kantjes van haar stem zijn verdwenen.
Tenslotte is daar de nerveuze motoriek van Little Victor. Hij heeft een veel te zware microfoon aan zijn mondharmonica vastgemaakt. Zijn strijd met de afzakkende beugel en nog wat andere technische ongemakken zijn (onbedoeld) clownesk.
Rocking Lulu heeft zich wat mij betreft niet losgemaakt uit de achtergrond.
De muziek klinkt authentiek en evenwichtig. Het is een sympathiek trio dat met energie en inzet speelt. Ze hebben niet de intensiteit en de melancholie die voor mij het kenmerk is van goede blues maar ik vind ze wel integer.

De NiX BBBluesclub zetelt in een voormalige textielfabriek aan de rand van het gebied van de vuurwerkramp. Dat gebied ziet er nog steeds erg desolaat uit, de schuttingen zijn weg waardoor je nog beter kunt zien wat een enorme afmetingen het heeft.
De entree van de club is weinig spectaculair: een afgebladderd gebouw, een oude ijzeren deur, een halletje met wat onduidelijke rommel en een brede trap naar boven. Waar zijn we nu toch verzeild geraakt? Alleen aan de vlag boven de deur kunnen we zien dat we toch goed zitten.
Als vreemdelingen van ver (Zwolle) worden we bijzonder hartelijk ontvangen door de aanwezigen. De club wordt gerund door vrijwilligers, bluesliefhebbers die vonden dat er een ernstig tekort aan bluespodia was in het oosten van het land. Als je rondkijkt dan krijg je het gevoel dat hij er altijd al is geweest. De wanden van het zaaltje zijn overdekt met foto's, affiches en andere artikelen. Zo is er een vitrine met een aantal door bluesartiesten gesigneerde mondharmonica's. Op een plateau boven de bar staat een levensgrote motorfiets.

Aafke de Wijk