Memphis Tennessee

'Son of a Gun' Bruins (Foto: Dick Waanders)

De sensatie van de eeuw: een regelrechte kloon van Jerry Lee Lewis. En dat bedoel ik natuurlijk niet in negatieve zin. Sterker nog, de man is daarnaast óók nog eens Fats Domino. Niet alleen in zijn spel, maar ook in zijn mimiek. Hij kijkt soms net zo “hemels” naar de sterren als Fats.
De hoofdmoot van het concert van Memphis Tennessee (ook de naam Matchbox wordt gebruikt in de aankondigingen, een beetje verwarrend) staat echter helemaal in het teken van de grote pianobeuker Jerry Lee Lewis.
Maar ik moet toegeven dat ik de meester zelf zelden zó flitsend en rockend heb horen spelen als deze jongen uit Assen! Ik ben er - als Lewis-kenner - beduusd van dit te horen en te aanschouwen.

Memphis Tennessee (Foto: Dick Waanders)

Als hier een grote schare enthousiaste rock and rollers aanwezig was geweest, dan zou de sfeer er stukken op vooruit zijn gegaan. Nu zijn er slechts twee of drie geďnteresseerden. De (weinige) anderen hebben meer aandacht voor andere zaken.
De band heeft alles in huis om concertzalen en festivals volledig op hun kop te zetten. Enkel door de waarlijk rockende en swingende muziek. De dynamiek van de musici zelf is wat minder dan hun muziek, de gezichtuitdrukkingen zijn enigszins stuurs. Dat kan aan het beperkte aantal toehoorders liggen, maar ook aan de regio (Noord) waar de band vandaan komt.

Als ik arriveer voor het optreden van Memphis Tennessee, dan hoor ik onderweg een flauw klinkende versie van Rock Around The Clock (Bill Haley), en ben ik bijna geneigd om rechtsomkeer te maken. Hoe dichterbij ik echter kom, hoe spetterender de muziek gaat klinken. Het geluidsvolume is gematigd, waardoor de verre omgeving er geen last van heeft.
Als ik bij het podium ben is het nummer afgelopen en heeft de band een Jerry Lee Lewis nummer ingezet. En dan moet ik mijn conclusie radicaal bijstellen.

Zanger 'Son of a Gun' Bruins doet al zijn aankondigingen in het Engels en heeft zich de spreektrant van Jerry Lee Lewis aangemeten. Omdat zijn stem werkelijk doet denken aan die van (een jonge) Jerry, is dat een komisch gehoor.
De man uit Drenthe heeft zich inderdaad goed verdiept in Lewis. Alle nummers worden loepzuiver gezongen en gespeeld. Het pianospel, ditmaal helaas op een klein keyboard in plaats van een piano of vleugel, is echter ononderbroken grandioos. Het authentieke rockende geluid kan me soms éven ontroeren als dat van het Amerikaanse voorbeeld.

De saxofonist en de bassist (Foto: Dick Waanders)

De begeleidende band is van een uitzonderlijke samenstelling en speelt zó adequaat rockend en rollend, dat het nauwelijks te geloven is.
Het uitzonderlijke aan de band is de complete blazerssectie, gevormd door één man! De man brengt er met zijn trompet, tenoorsax en altsax een uniek geluid in dat schitterend harmonieert met de bassist (die staande bas speelt), de drummer en de gitarist.
Een probleem bij rollende rockmuziek is vaak de drummer, die het snelle tempo niet kan volgen. Déze jonge slagwerker heeft het echter helemaal in zijn vingers.
De enige die soms iets uit de band springt, is de gitarist. Die heeft kennelijk een lichte voorkeur voor (hard)rockmuziek, want heel af en toe joelt zijn gitaar niet op de goede wijze. Maar dat wordt nergens storend.

De band heeft het Jerry Lee Lewis repertoire helemaal in de vingers, maar daarnaast ook dat van Fats Domino en dus de New Orleans Sound. De saxofonist/trompettist is daarin 100% op zijn plek.


De gespeelde nummers:

Rock Around The Clock; High School Confidential; I Got A Woman; Hound Dog; Walking To New Orleans; Great Balls Of Fire; Jambalaya; Little Queenie; Crazy Arms; High School Confidential (toegift); What'd I Say; You Win Again; Blue Suede Shoes; Memphis.


De website van Memphis Tennessee blijkt helaas uit de lucht te zijn, en van de band en de zanger/pianist kan ik ook maar heel weinig vinden. Alleen een vermelding van een boekingskantoor, en daar blijkt dat de band voor een betrekkelijk lage gage optreedt.
Ik hoop echter dat de groep in deze samenstelling en met deze drive blijft spelen, en dat ik ze nog eens vaker tegenkom.


15 juli 2007