They and the Misery Men

Zestiger jaren foto

vlnr.: Henk van der Kamp, Fred Wandscheer, Gerrit Romunde,
Freek Kamphuis en Bé Mengerink

In deze bezetting deed de band mee aan het Nationaal Jazz- en Beatconcours in Deventer op 27 november 1965. Twee spetterend gespeelde nummers, Big City en Long Tall Shorty, zijn toen door Diwa opgenomen en in 1989 uitgebracht op de LP Double Dee Rock.
Door een vergissing staat er op de plaat een verkeerde band vermeld. Pas in 2013 hebben we de juiste groep weten te achterhalen. En dat is weer de reden geweest om deze Zwolse band op te nemen in deze rubriek.


'They and the Misery Men' was een van de Zwolse top-beatgroepen in de jaren zestig. De band toerde met een bus waar in grote letters 'Blue Finger Beat' op stond door heel Nederland en Duitsland. Ook was het de eerste Zwolse beatgroep die voor Radio en TV mocht optreden.

Raggende gitaren waren troef, passend bij de naam van de band, zo genoemd omdat leider Freek Kamphuis en zijn kornuiten eind jaren vijftig op het Christelijk Lyceum steevast het etiket “vervelend” opgespeld kregen.
Freek speelde toen nog in de band The Real Rollers.

De eerste bezetting van 'They and the Misery Men' bestond uit:
Freek Kamphuis: gitaar/zang,
Bé Mengerink: bas,
Fred Wandscheer: drums,
Gerrit Romunde: zang/piano,
Henk van der Kamp: gitaar.

De band ging in 1968 uit elkaar. “De muziek veranderde. Het werd allemaal glitter, lange haren en oorbellen”, legt Freek Kamphuis uit. “Bovendien was de muziek steeds moeilijker te combineren met ons werk, dus besloten we te stoppen, ondanks het grote succes”.

Maar zo'n 25 jaar later begon het toch weer te kriebelen bij enkele bandleden. De 'oude rockers' konden het raggen niet laten.
Bassist Bé Mengerink was de initiatiefnemer van een hernieuwde formatie. De begeleidings- en carnavalsband waarin hij speelde gaf hem niet de gelegenheid om zijn 'muzikale en creatieve ei' kwijt te kunnen.
Dus belde hij in 1993 Freek Kamphuis eens op. Of die er voor voelde weer eens te gaan spelen. En zo kwam het dat 'They and the Misery Men' op een zondagochtend weer bij elkaar kwam.

Het klikte meteen. Freek Kamphuis vond dat ze mazzel hadden, omdat de muziek van de jaren zestig weer 'in' was.
Er moest nog wel wat geschaafd worden aan de band, want na het opheffen van de groep waren sommige bandleden nauwelijks meer muzikaal bezig geweest.
Drummer Fred Wandscheer drumde vanaf 1970 tot ongeveer 1973 met Frans Parent en Roy Ester in de band The Roadrunners, en verder alleen nog in de zomer op de camping.
Bandleider Freek Kamphuis hield het vanaf 1972 nog acht jaar vol als bassist van de Cake City Jazzband.
Bassist Bé Mengerink was nooit opgehouden met spelen.
Latere zanger René van Schubert had van 1980 tot 1984 gezongen bij de band The Noise. René overleed helaas op 18 april 2004 op 55 jarige leeftijd.
Latere gitarist Henk Volkers was gestopt met muziekmaken in 1972. Hij speelde daarvoor in The Flamingstars, Early Grave en Dubble Fase. Vanaf ongeveer 1992 een periode in een carnavalsband samen met Bé Mengerink.
Na het overlijden van zanger René van Schubert in 2004 wist de band Nelleke Vedelaar te strikken om de zang voor haar rekening te nemen.
In 2006 kwam zanger Hans Hubbers (welbekend van “De Haco's”) de gelederen versterken waardoor er nu een geweldig zangduo is.

Net als van 1964 tot 1968 staan nog steeds nummers van The Rolling Stones, The Kinks, Chuck Berry, The Who en Cuby and the Blizzards op het repertoire.

Op zich zit de band niet te wachten op veel live-optredens. De leden moeten nog altijd terugdenken aan de vier roerige jaren, waarin ze soms vier keer in één weekend op de bühne stonden. Slapen deden ze meestal in de bus, hoewel ze ook wel eens onderdak kregen. Hoewel ze niet vies zijn van spelen voor publiek, hoeft het wat hen betreft niet elk weekend raak te zijn. 'Af en toe' is goed genoeg.

De band heeft in 1999 en 2000 een trip naar Polen gemaakt, waar gespeeld is op het 'Country Piknik' festival, wat jaarlijks gehouden wordt in de plaats Mragowo.

Tevens heeft men de eerste CD afgeleverd: '40 jaar Blue Finger Beat'. De opnamen voor deze plaat vonden plaats in 1999.

Bezetting van de huidige 'They and the Misery Men':
Freek Kamphuis (gitaar),
Bé Mengerink (basgitaar),
Fred Wandscheer (drums),
Henk Volkers (ritmegitaar),
Nelleke Vedelaar (zang)(vanaf 2004)
Hans Hubbers (zang)(vanaf 2006)


Visitekaartje 1965

Visitekaartje 1965


De CD “40 Jaar Blue Finger Beat”

CD-cover

Route 66 - Another day another road - That's how strong my love is - I need you - We gotta get out of this place - Confessin the blues - You're looking fine - Window of my eyes - Cry to me - Dancing in the street - Love in vain - Talking about you - Naggin' woman - I'm a lover not a fighter - Walking the dog - Gin house blues - Sympathy for the devil

CD-cover

Het geluid van de CD klinkt warm en vol. Muzikaal gezien hebben The Rolling Stones een duidelijk stempel gedrukt op de uitvoeringen van veel nummers. Route 66, I'm A Lover Not A Fighter en Walking The Dog zijn voorbeelden van nummers die door The Rolling Stones zijn gekopieerd van Amerikaanse (blues)artiesten als Chuck Berry, Lazy Lester en Rufus Thomas, en vervolgens dus weer door jaren zestig beatgroepen van hun Engelse voorbeeld.
En They and the Misery Men doet dat ook in 1999 nog altijd zeer verdienstelijk.
De sterkste nummers zijn bluessongs als Confessin' The Blues en Gin House Blues. They and the Misery Men zou een goede naam voor een bluesband zijn, en het bestaande repertoire zou makkelijk uit te breiden zijn met meer bluessongs. Men zou dan een prima band zijn voor deelname aan een (rhythm and) bluesfestival in Zwolle of omgeving.

30 april 2013